terug naar de startpagina

 

MENSEN UIT KAPELLEN

Melkboer Jefke Snaps en paard.

Op deze pagina gaan we aandacht besteden aan "bekende" en "minder-bekende" Kapellenaren uit heden en verleden. Volledige biografieën moet je niet verwachten, maar wel aangename verhalen of onvergetelijke foto's over aangename mensen ... kortom over échte Kapellenaren van alle slag. Heb je zelf een prachtverhaal over iemand uit onze gemeente, laat het ons dan weten via info@gzvka.be ... en ook jouw Kapellenaar - vrouw of man - wordt hier onder de spotlights gezet.

 

JACK STAAL - Rudi Staute - 11.08.2015

Volksfiguren! Laten we het dit keer eens niet te ver gaan zoeken en er ene uitpikken voor verschillende redenen. Om maar met de deur in huis te vallen hij is getrouwd met de lieflijke  Ingrid wiens schoonheid wij allemaal bewonderd en gekoesterd hebben. Ingrid heeft een heel speciale broer die boeken schrijft en waar we boeken over zouden kunnen schrijven, maar dat is een ander verhaal. Daarnaast heeft onze volksheld waar het vandaag over gaat een fantastisch mooie dochter Vicky Queen of the Night (Carpe Noctem) waar ge ook al een boek over zou kunnen schrijven.

Maar vooral is hij afkomstig van de Nieuwe Wijk (de "nief wijk"), waar menige kadetten rondgelopen hebben en 'fun' gemaakt hebben. Hij is zijn afkomst altijd trouw gebleven, meer zelfs hij is trots op zijn van de nief wijk zijn, zijn metserszoon zijn. Ondanks zijn vele fantastische prestaties en de terechte toewijzing van de cultuurprijs 2014 door de gemeente Kapellen aan hem, blijft hij er zelf rustig bij. Hij is het liefst heel bescheiden en kalm tussen vrienden en familie en kan dan zo welgemeend zeggen: 'Ach, toneelstukken schrijven ... mijn vader die kon een huis bouwen, dat is nog iets anders!".

Jack Staal is van vele markten thuis. Hij heeft met zijn acteren, met zijn regisseren, door het schrijven van toneelstukken letterlijk tienduizenden mensen gelukkig gemaakt, en niet alleen in Kapellen, maar in het ganse Vlaamse land. Mensen die hard werkten en er 's avonds naar uitkeken om naar een optreden of een stuk van Jack te gaan kijken, waarna ze meer dan voldaan huiswaarts keerden. Jack bespeelt het hele veld van de emoties, van de lach tot de traan. Jack is ook een echte volksman, hij stond al van jong tussen de mensen, hij dronk graag een pint met zijn vrienden, was een graag geziene gast op fuiven, in de Verli of in het Torenhof. Jack had en heeft veel vrienden, velen dragen hem meer dan terecht op handen.


We zouden veel kunnen vertellen van zijn schooltijd op de gemeenteschool, op het Rito, van later dagen met de gasten, van op de planken, van tussen de Kapellenaren maar daar ontbreekt hier de ruimte voor. Laten we gewoon blij zijn dan wij in Kapellen de enige echte Jack Staal hebben die ons zal blijven verbazen, bedankt Jack!

Rudi Staute

 

Cecile (Cecilleke) Loopmans - leverancier medicamenten apotheker Herman.

 

DE KAPELSE GIGI L'AMOROSO - Rudi Staute - 04.08.2014

De Kapelse Gigi l' Amoroso - Kapellen heeft vele figuren gekend - heel veel. Door het onderzoek dat wij recent uitvoerden, ontdekten we dat er in de Nieuwe Wijk een meisje woonde dat aanbidders aantrok en aantrekt dat oren en zien vergaan. Zelf gebaart ze van krommen haas, wie zou haar ook kennen verscholen achter dat lepeltje.

Hoe het ook zij, jongemannen kamperen op risico van hun eigen leven in aanpalende tuinen, kropen in bomen, speelden gitaar onder haar venster - niemand die nog een oog dicht deed in de Nieuwe Wijk, de poeierbakken vlogen in het rond, nu raakt ook bekend dat de Robbie (een gevierd dichter nu) biccen leeg geschreven heeft om haar schoonheid te vatten.

Zij leefde haar leven, liet de zon haar zachte huid strelen en glimlachte. Ze genoot, en geniet, van het leven. Woorden klinken mooi maar vervliegen in de wind (behalve die van mij, dat heeft ze mij verzekerd). Je ziet ze in het park, in de Promenade, met een eclaireke, in het politiebureel waar ze de gardes raad geeft of op het gemeentehuis om tips te geven - maar nooit, nooit heeft ze een air, nooit denkt ze dat ze het is: zij weet het gewoon, net zoals wij het weten.

Dag Gigi, wij zouden allemaal willen dat ... oei, het papier is op, spijtig.

Rudi Staute

 

Melkboer Peeters met hondenkar.

 

MARIE-LOUISE GOOD en het VLIEGVELD IN KAPELLEN - Hugo De Hoon - 21.08.2014

In 2014 werd in Kapellen een nieuwe straat genoemd naar Marie-Louise Good, die in 1934 samen met haar man Guy Hansez de eerste vlucht ooit tussen België en Belgisch Congo uitvoerde als navigator. Deze historische vlucht werd uitgevoerd met een Havilland DH.83 Fox Moth, met een extra brandstoftank, maar niet voorzien van een radio.

De Congovlucht van het echtpaar Hansez-Good vertrok op de luchthaven van Deurne op 24 maart 1934 om 05.30 uur. De tocht werd gesteund door de Belgische posterijen voor wie drie postzakken werden meegenomen. Het echtpaar doorkruiste woestijnen en het evenaarswoud, zonder elektronische navigatie. Op 28 maart 1934 om 17.30 uur werden ze welkom geheten in Leopoldstad. Op 3 april 1934 werd de terugvlucht aangevat, acht dagen later landde de Fox Moth op de luchthaven van Deurne.

In Kapellen gaat men er prat op dat deze eerste vlucht vertrok vanop het vliegveld van de familie Fester-Good aan het kasteel Wolvenbos, dat de verblijfplaats was van de familie Robert Fester-Alice Julia Good. Maar historisch zou dat niet helemaal correct zijn ...

Dochter Marie-Louise huwde op 7 september 1931 met Roger “Guy” Hansez, een echte luchtvaartpionier in België. Eigenaardig genoeg blijft Marie-Louise de naam van haar moeder gebruiken in sommige documenten n.l. Good. En het is ook deze naam die door de gemeente Kapellen werd gegeven aan een nieuwe zijstraat van de Heidestraat-Noord: de Marie Goodlei.

Toen waren het nog vrouwen ... !!!

Hugo De Hoon

 

Schrijver Jozef Muls.

 

KAPPER WIM ROELS - Rudi Staute - 17.08.2015

Volksfiguren en gekende, bekende Kapellenaren die naar het buitenland trokken (Spanje bijvoorbeeld, nee nee AMC komt later aan bod). Eerst een toffe, ernstige broer van een goede schoolkameraad van mij. Al jaren ken ik hem van toen ik bij hen thuis kwam spelen met zijn broer Peter. Wim was wat ouder dan ons en hield ons wel wat in het oog en op het rechte pad. Hoewel Peter, hoe kan het ook anders, veel braver was dan ik.

In ieder geval Wim Roels was een vlotte, altijd netjes geklede jongeman die besloot voor kapper te studeren. Dat was een wijze beslissing, want Wim zou een uitstekende kapper worden. Vele Kapellenaren gedurende vele jaren liepen er door hem verzorgd bij met hun haren. Wim vestigde zich op de Hoevensebaan waar hij zijn hele carrière zou blijven werken. Samen met zijn Sonia, de liefde van zijn leven, je zag het als je hen samen zag hoe respectvol en liefdevol ze met elkaar omgingen en omgaan: een schoon koppeltje.

In zijn eerste zaak had hij zo'n ezeltje staan om de klein mannen op te zetten. Ik kan me niet herinneren of ik ooit op dat ezeltje gezeten heb. Wim zal nu toch wel gene ezel op nen ezel hebben gezet, zeker? Later bouwde hij wat verderop zijn eigen huis, eigen zaak. Hij liet het bouwen door de architect Jo Crepain, die later wereldberoemd zou worden. Het huis van Wim is dan ook beschermd en een pareltje van architectuur.

Dat is ook een kenmerk van Wim en Sonia, zij zijn zich heel bewust van de 'mooie' dingen. Het zijn ook twee mooie, lieve mensen. 40 jaar heeft Wim heel plichtsbewust zijn taak vervuld en nu geniet hij met zijn Sonia van een welverdiende rust, pak het er maar goed van makker!

Rudi Staute

 

Den Tajje (100 jaar) met Frans Van Lent en verzorgster.

 

ROGER WILDIERS - Rudi Staute - 23.08.2015

Volksfiguren die nog dichtbij ons staan. Soms is er een connectie tussen die kleppers en dan wordt het moeilijk om te kiezen. Dat verband tussen hen kan losjes zijn maar het is er, neem nu door hun grote klep, door de kroeg waar ze mekaar ontmoeten, door hun 'dienstverlening' aan de Kapellenaren. Zo heb je bijvoorbeeld: de Flor van den taxi, de Charel van de Pancras en de man waar ik het vandaag over zal hebben Roger Wildiers.

 
De Wildiers was/is niet echt op zijn mondje gevallen. Hij stond centraal in het dorp enerzijds omdat zowat iedereen doorheen zijn of haar leven wel eens één maar vermoedelijk meerdere fietsen kocht bij de Wildiers. De Roger kende iedereen en iedereen kende de Roger. Het was bij hem constant een binnen en buiten lopen. De mensen kwamen bij de Roger soms gewoon langs voor een klappeke. Frans den Bout spande de kroon die had daar een abonnement, de Frans was een vaste gast bij de Wildiers waar hij met verve en brio zijn straffe verhalen vertelde.


De Wildiers had eerst zijn werkplaats die afgesloten was met grote groene houten deuren en die zich bevond aan de Vredestraat waar later de winkel zou komen. Eerst was de winkel in het kleine pand naast de Duivenbond en over de Pancras. Dat kwam Roger goed uit want hij had best geregeld dorst en dan kon hij 'zijn gedacht' aan den toog tegen de mensen zeggen. Belangrijk is om zonder gedoe te stellen dat Roger een vakman was die zijn stiel kende. Je kreeg geregeld op je donder omdat je te hard op de borduren reed waardoor je wiel sloeg en de spaken kaduul stonden. Soms, als hij goedgezind was, dan hielp hij je onmiddellijk met kleine klussen, maar anders als zijn gezicht op onweer stond dan was het pas over 3 dagen klaar: 'Ik heb nog wel wat anders te doen' of 'Zie d'is wat hier allemaal staat, ik heb er maar twee!'.


Op café zijn er allerlei 'urban legends' die ik hoorde vertellen maar niet kon verifiëren, dus laten we die klasseren in het collectieve geheugen en dat zij die erbij waren erover klappen. Ik vond de Roger een wat ruwe, recht voor de vuist kerel die niet met zich liet sollen, die meer lawaai maakte dan zijn peperkoekenhartje kon dragen. Nu zie ik hem met zijn lange grijze haren en zijn grijze baard, is hij dan toch Heilig verklaard? Heeft hij Grieks filosofische trekjes gekregen? Staat hij wat dichter bij een kluizenaar zijn? Heeft hij door Julia het Licht gezien? Ik weet het niet, wat ik wel weet is dat hij letterlijk duizenden en duizenden Kapellenaren van een goede fiets voorzien heeft en hun fiets onderhouden en hersteld heeft, bedankt Roger en niet beginnen schelden als je dit leest.

Rudi Staute

 

Harry Shaw ... het elektrisch wonder van Kapellen.

 

FLOR DEN TAXI - Rudi Staute - 07.09.2015

Kleppers van Kapellen! Neem nu de jonge goudsmid die zijn horizon wilde verruimen. Met zijn knappe vrouw Elza vestigt hij zich over "Den Draak" om er de taxizaak over te nemen. De Flor van den Taxi begint zijn carrière in 1961 en zou dat dertig jaar lang doen. In het begin kent hij zijn weg niet in Kapellen, maar laten we zeggen dat hij al gauw enkele ankerpunten had: Den Hoorn, Den Draak, De Pancras, Het Duivenlokaal. Hij was altijd netjes in uniform met een kepi op zijn knikker. Dat was nog een tijd, dat was klasse en de Flor had nog stijl ook. Hij reed altijd met Mercedes en had een speciale witte auto voor de trouwers waarvan hij er in de topdagen wel vier per week had, en in de zomer bracht hij drie keer per dag mensen naar de zee of de zoo. Een radiosysteem bestond niet en heeft de Flor nooit gehad. Hij belde Elza wel op vanuit een telefooncel of vanuit een café. Van dat veel naar de zee rijden geraak je wel eens in de wind (aan zee staat veel wind). Nu, de Flor heeft hem altijd graag gemogen en de mensen trakteerden in die dagen de chauffeur altijd, dikwijls zowel bij vertrek als bij aankomst.


Tijdens zijn wekelijkse frequente cafébezoek was de Flor ook altijd een grootprater, hij voerde het hoge woord en kon in geen tijd alle politieke, economische en andere wereldproblemen oplossen. Opvallend was voorts dat hij vele mensen die te diep in het glas hadden gekeken naar huis gebracht heeft, maar ook heel wat mensen hebben hem naar huis gebracht toen hij te diep in het glas gekeken had.


Let wel, de Flor is de Flor: iemand zonder handleiding, iemand die om de mensen gaf, die altijd bereid is voor een klappeke, iemand die graag zijne zeg deed en die ook doet. We kennen hem nog het best in zijn uniform met zijn kepi op, naast zijn witte knar geparkeerd aan de trappen van het gemeentehuis wachtend op de bruid die van de trappen neerdaalde en aan haar leven begon. Louwke keek telkens even op en wenste het koppel het beste. Ik hoor nog: 'Kan er eens iemand de Flor van den Taxi bellen.' Elza nam de telefoon op en zei: 'Hij zit nu daar of daar over een uurtje is hij er.' En dat was oké in die dagen, dan pakte men nog een pintje, legde een kaartjes of lulde wat tegen mekaar. We weten het allemaal: de Flor is ne klepper.

Rudi Staute

 

Jefke Verberck